WANHOOP en TROOST

Muziek voor de Goede Week

Voor de Goede Week, de periode van Palmzondag tot Stille Zaterdag, zijn in de loop der tijd allerlei rituelen ontstaan. Tenebrae is zo’n bijzondere dienst in de goede week, waarbij in het heilig officie in de drie dagen voorafgaand aan paaszondag (Witte Donderdag, Goede Vrijdag en Stille Zaterdag) de metten en lauden samengevoegd werden. Na elk onderdeel van deze dienst werden kaarsen gedoofd tot aan het eind de kerk volledig in het duister gehuld was. Vast onderdeel van de duistere metten was de lezing van de klaagliederen van Jeremia, afgewisseld met responsoriën waarin de laatste dagen van Jezus beschreven werden.

De zestiende eeuwse componist Orlando Lassus schreef twee keer in zijn leven een zetting van de klaagliederen van Jeremia. De vroegere vijfstemmige versie werd vrijwel onmiddellijk uitgegeven en verspreid in Europa, en geniet nu nog grote bekendheid. Maar de latere vierstemmige zetting schreef Lassus voor privégebruik in de kapel van de hertog van Beieren, waar hij hofcomponist was. Dit was ‘musica reservata’, muziek voor de hertog alleen, en is daardoor verstopt gebleven in de bibliotheek van het hof van Beieren. Pas in de twintigste eeuw werden deze exclusieve lamentaties voor het eerst gepubliceerd. Waar de vijfstemmige lamentaties zich lijken te spiegelen aan Palestrina in de uitgebalanceerde vorm en vloeiende lijnen zijn de vierstemmige lamentaties veel grilliger. Tekstexpressie heeft prioriteit, wat leidt tot kleurrijke harmonieën, onverwachte melodische wendingen, en bovenal een ritmiek die nooit ver van de gesproken taal afstaat. Consensus Vocalis zingt Lassus’ vierstemmige Lamentaties voor Witte Donderdag, afgewisseld met de bijbehorende Gregoriaanse responsoriën.

We vullen het programma aan met een minstens zo bijzonder alternatief voor de gebruikelijke slotpsalm van de Tenebrae dienst. Normaal klinkt psalm 51 aan het eind van de lauden: Miserere mei, Domine. In plaats daarvan zingen we Adriaen Willaert’s Infelix Ego, een zetting van een gedicht dat door de subversieve Dominicaanse geestelijke Girolamo Savonarola geschreven werd als meditatie op psalm 51 terwijl hij zijn executie afwachtte. Deze meditatie, en andere teksten van Savonarola, verkregen enorme bekendheid en populariteit in Europa aan de vooravond van de reformatie, maar bleven in behoudender Katholieke kringen natuurlijk controversieel. Ercole I d’Este, hertog van Ferrara, was sympathisant van Savonarola en ook een groot muziekliefhebber.Dankzij hem ontstond er aan het hof van Ferrara een traditie van zettingen van teksten van Savonarola die ook nog tijdens het bewind van zijn kleinzoon Ercole II in stand bleef. Adriaen Willaert zette voor Ercole II een deel van de tekst van Savonarola op muziek, en refereerde daarbij ook aan Josquin’s psalm 51 (geschreven voor Ercole I) door zijn gebruik van een telkens terugkerend motief op de tekst ‘Miserere mei’. Vanwege de politiek ‘gevaarlijke’ tekst is Infelix ego een van de weinige motetten van Willaert die niet gepubliceerd werden in Italië gedurende zijn leven, ook dit was een stuk bedoelt voor privégebruik aan het hof. Maar Lassus lijkt het stuk wel gekend te hebben, via een enkele publicatie in Neurenberg in 1556 is het stuk ook in München terecht gekomen. Het is dus niet ondenkbaar dat dit motet voor Ercole II d’Este ook bij de hertog van Beieren tot klinken is gekomen, wellicht zelfs in combinatie met de muziek van Lassus zelf.

Twee gregoriaanse hymnes die passen bij deze periode, Vexilla regis en Pange lingua, vormen het raamwerk waarmee we dit concertprogramma voor de stille week openen en afsluiten.

Programma

Orlando Di Lasso: Lamentationes Jeremiae Prophetae
Adriaen Willaert: Infelix ego
Gregoriaanse hymnes en responsoriën

Uitvoerenden

Consensus Vocalis o.l.v. Lodewijk van der Ree

Concertagenda

Donderdag 18 april 2019, 20.00 uur

Kristalkerk – Hengelo

Vrijdag 19 april 2019, 15.00 uur

Pieterskerk- Utrecht